Dat blijkt uit het nieuwe TNO Vector-rapport ‘Zonder robotisering verdwijnt de Nederlandse maakindustrie: urgente actie is noodzakelijk’. De boodschap is helder: om internationaal concurrerend te blijven, moet de productiviteit de komende tien jaar fors omhoog. Robotisering is daarbij geen luxe, maar een randvoorwaarde.
Paper ‘Zonder robotisering verdwijnt de Nederlandse maakindustrie: urgente actie is noodzakelijk’
Inzet industriële robots blijft achter
Nederland loopt internationaal achter op koplopers als ZuidKorea, China en Duitsland als het gaat om de inzet van industriële robots. Vooral in het mkb blijft grootschalige toepassing uit. Veel bedrijven ervaren hun productieprocessen als te complex of te variabel voor automatisering. Tegelijkertijd laten praktijkvoorbeelden zien dat juist slimme, flexibele robotoplossingen, zoals cobots en adaptieve systemen, grote kansen bieden, ook in highmix, lowvolume productieomgevingen.
Volgens Claire Stolwijk, principal consultant en een van de auteurs van het rapport, is afwachten geen optie meer: “Robotisering gaat niet alleen over technologie, maar over het toekomstbestendig maken van onze industrie. Als Nederland nu niet investeert, krijgt de sector binnen enkele jaren te maken met hogere kosten, lagere productiviteit en uiteindelijk verlies aan concurrentiekracht.”
Risico’s stapelen zich op
Het rapport laat zien dat de risico’s zich op korte, middellange én lange termijn opstapelen. Op korte termijn leidt arbeidskrapte tot inefficiënte productie en stijgende kosten. Op middellange termijn groeit de achterstand door verouderde productielijnen en gemiste productiviteitswinst. Op lange termijn dreigt structurele afbraak, met kans op fabriekssluitingen en een grotere afhankelijkheid van buitenlandse leveranciers tot gevolg.
Robotisering biedt kansen
Tegelijkertijd biedt robotisering juist kansen: hogere en stabielere productiviteit, betere productkwaliteit, lagere foutmarges en aantrekkelijker werk voor medewerkers. Robots nemen zwaar, repetitief of onaantrekkelijk werk over, terwijl mensen zich kunnen richten op taken met meer toegevoegde waarde.

“Die agenda moet bedrijven handelingsperspectief bieden, investeringen richting geven en versnippering tegengaan. Cruciaal zijn daarbij standaardisatie, opensource oplossingen en het bundelen van vraag, zodat schaal ontstaat voor vraag aan systemintegrators en implementatie wordt versneld.”
Claire Stolwijk, principal consultant
Nationale robotiseringsagenda
Daarom pleiten de onderzoekers voor een nationale robotiseringsagenda met duidelijke langetermijndoelen. “Die agenda moet bedrijven handelingsperspectief bieden, investeringen richting geven en versnippering tegengaan. Cruciaal zijn daarbij standaardisatie, opensource oplossingen en het bundelen van vraag, zodat schaal ontstaat voor vraag aan systemintegrators en implementatie wordt versneld”, aldus Claire Stolwijk.
Daarnaast is investeren in mensen onmisbaar. Omscholing, roboticacompetenties en nauwe samenwerking tussen industrie en onderwijs bepalen of robotisering daadwerkelijk landt op de werkvloer.
Motor voor productiviteit
De boodschap van het rapport is urgent maar ook hoopvol: Nederland beschikt over een sterk ecosysteem, hoogwaardige kennis en een unieke positie in flexibele maakindustrie. Met gerichte keuzes kan robotisering uitgroeien tot een motor voor productiviteit, weerbaarheid en strategische autonomie.




