R&D

Snel budgettaire duidelijkheid gewenst voor het innovatie-instrumentarium

6 augustus 2026

Op 10 juli jl. stuurde het kabinet haar reactie op het rapport Wennink naar de Tweede Kamer, tezamen met een brief over de voortgang van de Taskforce Toekomstige Welvaart en Vestigingsklimaat en de tweede Productiviteitsagenda. Uit deze stukken blijkt dat het kabinet doordrongen is van de urgentie om structureel meer te investeren in R&D, adoptie van innovaties en randvoorwaarden om onze economie toekomstbestendig te maken. Om de ambities waar te maken zijn er deze zomer en het najaar nog wel grote budgettaire keuzes te maken. De schoen lijkt met name te gaan wringen bij langetermijn financiering van publiek-private samenwerking in innovatie-ecosystemen.

Taskforce als reactie op Wennink

De Taskforce Toekomstige Welvaart en Vestigingsklimaat is opgericht om invulling te geven aan de meeste urgente thema’s die Wennink schetst in zijn rapport: in het bijzonder de dalende productiviteitsgroei, de druk op de overheidsfinanciën en de groeiende technologische afhankelijkheden in cruciale maatschappelijke domeinen. Ook ziet het kabinet – net als Wennink – het centrale belang van de economische randvoorwaarden, zoals stikstof, netcongestie en talent om deze negatieve trends te keren. Met de Taskforce wil het kabinet de keuzes maken en bouwen aan de randvoorwaarden om structureel 1,5 procent economische groei te realiseren, die – zoals Wennink benadrukt in zijn rapport – nodig is om onze welvaart te borgen.

“Om welvaart ook in de toekomst te behouden, is het nodig om te moderniseren, te verduurzamen, te innoveren en te investeren.”

Strategisch industriebeleid als kern

De Taskforce Toekomstige Welvaart en Vestigingsklimaat heeft vier opdrachten gekregen. Het realiseren van gerichte interventies met strategisch industriebeleid ziet het kabinet als de kernopdracht voor de Taskforce. De overige drie opdrachten zijn: het aanjagen van investeringen, beschikbaarheid van talent vergroten, en het versterken van ondernemerschap en het vestigingsklimaat.

Krachtige samenwerking in regionale innovatie-ecosystemen

Vanuit het Industriebeleid met focus richt het kabinet zich op zes markten en het gericht bouwen van ecosystemen en stimuleren van nieuwe economische activiteit. Het kabinet en de Taskforce hebben daarbij de ambitie om investeringen aan te jagen, belemmeringen weg te nemen en kansrijke activiteiten uit te voeren én op te schalen in bestaande en nieuwe ecosystemen. Hierbij wordt nadrukkelijk de samenwerking gezocht met bedrijven, kennisinstellingen, publieke organisaties, medeoverheden en financiers. De kamerbrief benoemt dat zo’n integrale benadering in de vorm van een ecosysteemaanpak met het bedrijfsleven en andere (kennis)partners onmisbaar is voor succes. Maar juist rond het aanjagen van extra R&D-uitgaven via Publiek-Private Samenwerking (PPS) in innovatie-ecosystemen lijkt de schoen te gaan wringen.

Veranderingen in het innovatie-instrumentarium raken Publiek-Private Samenwerking bij innovatie

Het kabinet Schoof heeft besloten om na de derde ronde van het Nationaal Groeifonds (NGF) geen nieuwe projecten meer te financieren. Alleen reeds gehonoreerde projecten kunnen worden afgerond, met als gevolg dat na 2030 de uitgaven via het NGF snel teruglopen (zie figuur 1). Met het wegvallen van nieuwe rondes in het NGF heeft Nederland geen instrument meer dat grootschalige publiek-private innovatiesamenwerking en versterking van innovatie-ecosystemen langjarig ondersteunt. De PPS-I-regeling blijft (als opvolger van de PPS-toeslag regeling) weliswaar bestaan, maar is qua budgettaire omvang en type projecten van een wezenlijk andere orde dan het Nationaal Groeifonds, dat bij oprichting €20 miljard omvatte, terwijl voor de PPS-I-regeling een jaarlijks budget van maximaal €180 miljoen beschikbaar zal zijn.

Figuur 1: NGF uitgaven worden na 2030 snel uitgefaseerd
Bron: Begroting NGF 2025. Geraamde jaarlijkse kasuitgaven per NGF project. Bewerking: TNO Vector.

Nationaal Groeifonds gat

Met het wegvallen van het Nationaal Groeifonds ontstaat er een duidelijk gat in het Nederlandse innovatie-stimulatie instrumentarium. Vulling voor dit gat blijkt nog onvoldoende uit de contouren van het toekomstige innovatie-instrumentarium, zoals geschetst in het coalitieakkoord en de voortgangsbrief over de Taskforce Toekomstige Welvaart en Vestigingsklimaat. Ondanks dat die brief op pagina 4 juist nog een belangrijke rol voor het NGF benoemt:

“Op gebied van het aanjagen van investeringen en innovatie richt de Taskforce zich in het bijzonder op drie initiatieven: de Nationale Investeringsinstelling (NII), het Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie (NADI) en het Nationaal Groeifonds (NGF). Tezamen vormen deze drie instrumenten een samenhangende aanpak: het NGF bouwt de ecosystemen waarin innovatie ontstaat, NADI zet innovatiekracht om in maatschappelijke doorbraken, en de NII zorgt dat veelbelovende bedrijven de financiering vinden om door te groeien.”

Er is snel meer duidelijkheid nodig over het toekomstige innovatie-instrumentarium

Zowel Wennink als AWTI pleiten ervoor dat het ‘NGF gat’ wordt gevuld met een nieuw instrument waarmee grootschalig en langjarig onderzoek en innovatie wordt gefinancierd, en innovatie-ecosystemen kunnen worden versterkt. Voor het doorbreken van de innovatieparadox is een consistent, langjarig en doelgericht innovatie-instrumentarium nodig, waarin generieke instrumenten (zoals de WBSO en Innovatiebox) worden aangevuld met specifieke, gerichte publiek-private innovatieprogramma’s.

Regering en parlement zijn deze zomer en najaar aan zet

De zogenaamde ‘augustusbesluitvorming’ in de aanloop naar Prinsjesdag is een belangrijke eerste stap om snel meer duidelijkheid te geven voor de korte termijn. Maar figuur 1 maakt duidelijk dat het daarnaast van groot belang is om een heldere langetermijnkoers uit te zetten voor na 2030, over de kabinetsperiode heen. De opdrachtbrief van de Taskforce Toekomstige Welvaart en Vestigtingsklimaat benoemde immers al: “Mensen, bedrijven en kennisinstellingen verwachten voortgang en duidelijkheid; zonder deze keuzes dreigt onze economie achterop te raken.”

Maak kennis met de auteur

Recente artikelen