
Ruimte vóór transities

Auteur: David Dooghe.
Het garanderen van onze welvaart vraagt om transities. Pas bij de concrete uitwerking daarvan wordt gezocht naar ruimte voor deze transities. Ruimte in Nederland is schaars en vormt dus al snel een knelpunt voor de implementatie van transities en daarmee ook voor onze welvaart. Daarom is een mindshift nodig: van ruimte voor transities naar ruimte vóór transities.
Ruimte als startpunt
“Als we willen dat alles blijft zoals het is, moet alles anders worden.” Deze beroemde zin uit ‘Il gattopardo’ van Giuseppe Tomasi di Lampedusa (1958) geldt ook voor de welvaart van Nederland. Willen we die ook in de toekomst behouden, dan moeten we inzetten op meerdere transities, zoals duurzame energie, klimaatadaptatie en een duurzame economie.
Al deze transities vragen om ruimte, terwijl bestaande systemen vaak nog operationeel zijn en ook andere sectoren, zoals woningbouw, steeds meer ruimte vragen. De fysieke ruimte in Nederland wordt dus overvraagd en het aantal vierkante meters dat kan worden toegevoegd is beperkt. Juist daarom moeten we van de nood een deugd maken en eerder nadenken over ruimte binnen transities.
Hoe kan ruimte al aan het begin van het denken over transities worden meegenomen, en wat levert een mindshift naar ruimte vóór transities op? Vier projecten illustreren dit.
Ruimte vóór technologieontwikkeling
In de studie naar de ruimtelijke uitdagingen van de energietransitie in Nederland draaiden we de oorspronkelijke vraag om: van waar is er ruimte voor technologieën die hernieuwbare energie opwekken? naar hoe kunnen nieuwe technologieën meer energie per vierkante meter opwekken? Zo werd het verwachte knelpunt van ruimtelijke schaarste leidend voor de aanpak.
We formuleerden vier strategieën om ruimteclaims te verminderen en deze bespraken we met verschillende TNO-experts in relatie tot energietechnologieën. Door deze mindshift werd duidelijk dat meerdere strategieën relatief eenvoudig konden worden meegenomen in de ontwikkeling van technologieën. Hun lagere ruimteclaim verhoogt bovendien de kans op snellere implementatie van de technologie.
Ruimte vóór energie
Ook voor bestaande energietechnologie is deze mindshift toepasbaar. In het programma Ruimte voor Energie werd gezocht naar oplossingsrichtingen voor de knelpunten tijdens de uitwisseling tussen energie- en ruimtelijke processen, en naar de rol die een model kon spelen in het beter samenbrengen van deze processen. Het ontwikkelde model brengt ruimtelijke en energie-uitdagingen aan het begin van de tactische fase letterlijk in kaart. Zo kan al in de onderzoekende fase van het proces een evenwichtig gesprek tussen het energie- en ruimtelijk domein worden gevoerd.
Daarbij kan de tool ook worden ingezet om alternatieve oplossingen (in het ruimtelijk of energiedomein) te toetsen en een voorkeur, gekozen vanuit de belangen van het energie- en ruimtelijk domein, verder uit te werken. Bij woningbouwontwikkeling kon dit gesprek helpen voorkomen dat gebouwen worden opgeleverd zonder energieaansluiting. Bij energieprojecten kon zo een omgevingsplanwijziging en bouwvergunningsaanvraag beter op elkaar worden afgestemd. Door de mindshift kan dus later in het proces tijd worden gewonnen.

“De projecten illustreren dat de mindshift naar ruimte vóór transities de druk op schaarse ruimte kan verminderen.”
David Dooghe, Senior onderzoeker en adviseur ruimte, technologie en transitie
Ruimte vóór gezondheid
Binnen het TNO-programma Balanced Spatial Choices keken we naar de te verwachten (gestapelde) gezondheidseffecten van klimaatverandering in de directe leefomgeving. Concreet werden aan gemeenten en GGD’s ruimtelijke voorspellende modellen geïntroduceerd die de effecten van hitte, luchtverontreiniging en pollen in kaart brengen en werden hun (al dan niet gestapelde) effecten op gezondheid en welzijn geduid. Door de resultaten van deze ruimtelijke modellen samen te brengen, konden toekomstige kritieke locaties en momenten worden gesignaleerd.
Gemeenten gaven aan dat zij, door deze modellen te koppelen aan andere kaartlagen, beter kunnen prioriteren hoe ze hun beleid of projecten op korte termijn (bijvoorbeeld evenementenvergunningen) en/of lange termijn (gebiedsontwikkelingen) inzetten om zo verwachte kritieke momenten voor (delen van) de inwoners te vermijden. De voorgestelde mindshift verbetert dus niet alleen de welvaart in Nederland, maar ook de gezondheid en het welzijn van Nederlanders.
Ruimte vóór economie
Een laatste voorbeeld laat zien dat ook voor het behouden van onze welvaart een andere ruimtelijke blik op economie nodig is. In economische beleidsdocumenten wordt ruimte, als het al voorkomt, vaak uitgedrukt in benodigde vierkante meters. Daarnaast wordt de ruimtelijke inrichting vaak gebaseerd op één economisch toekomstbeeld voor de locatie. Mono-functionele werklocaties en weinig ruimtelijke flexibiliteit zijn daarvan het gevolg.
Een door TNO Vector ontwikkeld raamwerk stimuleert een brede blik op verdienvermogen én ruimte. De brede blik op verdienvermogen is gebaseerd op het denken in brede welvaart. De ruimtelijke blik kijkt naar ‘Space’, oftewel de fysieke ruimte zoals locaties, infrastructuur en netwerken, én naar ‘Place’: de sociale, culturele en institutionele inbedding van locaties . In het raamwerk zijn Space en Place complementair. Fysieke ruimte maakt activiteiten mogelijk, maar sociale en institutionele condities bepalen of locaties daadwerkelijk tot innovatie en waardecreatie leiden.
Het toetsen van dit raamwerk op verschillende typen werk- of innovatiegebieden (campussen, bedrijventerreinen, multimodale knooppunten en gemengde innovatie- en werklocaties) leverde bij deelnemers nieuwe inzichten op. De mindshift laat zien hoe bedrijven via innovatieve ecosystemen kunnen samenwerken aan gedeelde waarden en hoe scherpere ruimtelijke keuzes kunnen bijdragen aan een robuustere invulling van werk- of innovatiegebieden.
Nieuwe kansen voor transities
De projecten illustreren dat de mindshift naar ruimte vóór transities de druk op schaarse ruimte kan verminderen. Door ruimte eerder en beter te betrekken, kan bovendien tijd in het ontwikkelproces worden gewonnen en kunnen waardevolle oplossingen voor maatschappelijke en economische uitdagingen ontstaan. De mindshift naar ruimte vóór transities draagt zo bij aan de toekomstige welvaart en het welzijn van Nederland(ers).





